Hallo! Ik ben Bresko. Ik ben een vis. Een robotvis.

Welkom op mijn website, hier kan je al mijn avonturen meemaken!

De Strandjutter

 (Verhaal 63)

63 De strandjutter

Nou maakte ik toch wat mee laatst. Ik was een beetje gaan rondzwemmen in de mist. Wat er toen gebeurde laat ik liever door Gilles de strandjutter vertellen. Tja, het was ook wel een beetje dom van mij.

Een beetje bleek om de neus kwam Gilles de strandjutter het cafeetje binnen in het ouwe vissersbuurtje in Breskens. ‘Geef mij maar eens een heel sterke kop koffie,’ zei hij tegen Annemietje de cafébazin. ‘Het is wreed mistig buiten heej,’ zei Annemietje. ‘Dat niet alleen,’ zei Gilles. ‘Ik ben me daar toch geschrokken op het strand. Kwam ik voorbij de meerpalen en zag ik daar een heel schone balk liggen. Die is van mij dacht ik. Daar kan ik nog wel een centje voor beuren. Veel meer dan dat zag ik niet. Het was helegaar dicht van de mist op het strand. De zee kon ik niet eens zien. Je zou d’r zomaar inlopen.

Toen gebeurde het. Zag ik daar opeens een paar lichtende ogen opduiken in de mist. Een auto kon het bijna niet zijn, want die komen daar niet alle dagen. Wat was dat nu? Kwam die Vliegende Hollander nu ook al hier op het strand spoken? Of was daar een zeeduvel aan het duvelen?  Snel verschool ik me achter een meerpaal in de hoop dat hij van zelf zou weggaan. Maar dat deed hij niet, hij kwam alleen maar dichter bij. Tja, die mooie balk kon ik wel op mijn buik schrijven. Die dorst ik echt niet weghalen daar. Af en toe gingen die ogen de andere kant op, maar dan kwamen ze weer terug. Achter die ogen flapperde af en toe wat.

Naar verloop van tijd trok de mist wat op. Ik was een beetje stijf, want ik dorst een hele tijd niet te bewegen. Opeens zag ik kleuren rond die ogen, een vissenstaartje dat flapperde en de kleurenkop van die gekke Bresko. Wat doe je nu, vroeg ik hem. Heb je niks beters te doen dan een eerzame strandjutter de schrik op het lijf te jagen? Zo kan een eerlijk mens toch zijn brood niet verdienen?

Bresko keek een beetje schuldig. Hij zei: ‘Maar Gilles, ik wist toch niet dat je op het strand was? Het was zo mistig dat ik dacht: laat ik een beetje gaan rondzwemmen.’ ‘Dat moet je vooral doen bij mist,’ antwoordde ik. ‘Dan weet je toch nooit of je niet tegen een schip aanzwemt? Bresko schrok hier wel een beetje van, want ik had wel gelijk natuurlijk. En wat als je gestrand was?’

Ik zal de volgende keer dat het zo mistig is dan toch maar rustig op mijn kaaitje blijven denk. Daar heeft Gilles toch wel gelijk in.

Comments are closed.
Lees al mijn avonturen!